Altijd op zoek naar een bravourestuk
vrijdag 30 april 2010
Koud op de fiets
Woensdag reed ik in Amerongen. Een koers over 50 kilometer met finish bovenop de Amerongseberg. Het werd uiteindelijk een soort van wandeletappe. Bijna de gehele koers reed ik binnen mn D2 en D3 zone. Alleen het laatste stuk naar de finish, bergop, ging ik naar m'n maximale hartslag toe.
Ik heb de hele koers in het peloton gezeten. Toen we de Amerongseberg opreden, zat ik in 70e positie. Ik finishte ronde de 35e plek, de slotklim ging dus goed. Ook bergop kan ik met de betere mee.
Vandaag was de koninginneronde van Amsterdam. Op een klein ruzietje na, gebeurde er in de koers niet veel. Ik deelde een kwakje uit aan een irritante Gaul-renner, waarna hij mij boos aansprak. Ik won niet en finishte in het peloton.
Gisteren was voor mij een belangrijkere dag. De tweede tijdrit in Woubrugge werd verreden, de eerste over 14,40 km. Vorig seizoen reed ik 20.09 over deze afstand en ik heb eerder dit seizoen al laten zien dat ik steeds harder ga fietsen.
Door de file was er helaas geen tijd voor opwarmen bij. Ik was tien minuten voor de start in Woubrugge aangekomen en stapte koud op de tijdritfiets. Het belette me niet om een goed tempo te vinden. De voorbereiding niet ideaal, maar na 19 minuten en 37 seconden, was ik weer terug op het punt waar ik ook begonnen was.
Een gemiddelde van ruim 44 kilometer per uur en dat zonder warming-up. Het geeft me moed en hoop op een goede uitslag tijdens het Districts kampioenschap van 13 mei. Daar zal ik overigens starten als Amateur A. Die B-licentie is ingeleverd, ik ben gepromoveerd.
zondag 25 april 2010
Sterven aan het wiel
Halverwege de eerste ronde kletterde het chaotische peloton tegen het asfalt. Ik zat goed van voren, zo rond plek twintig. Voor mij vielen ze, over de gehele breedte van de weg. Gelukkig zat ik aan de linkerkant en was ik de eerste die aan de valpartij kon ontsnappen. Dertien man zaten voor de valpartij en hadden totaal geen last, zij waren door. Ik ontweek de valpartij en reed het gras in.
Maar ik lag niet en dus probeerde ik zo snel mogelijk weer op de weg te raken en het gaatje naar de dertien te dichten. Ik keek achterom of ik hulp kreeg, maar ik zag alleen liggende renners. Mijn achterstand was een meter of twintig. Met man en macht kreeg ik er zeventien meter van af. Het gaatje was hooguit drie meter, maar mijn hartslag was 184, hoger dan ooit gemeten.
Ik blies mezelf volledig op. Drie meter werden er vijf en vijf werden er tien. Ik miste het geluk, want hadden ze vooraan niet vollebak (48 km/u) doorgereden, dan was ik erbij geweest. Ik stierf aan het wiel, maar wel in schoonheid.
Met mijn mond wijd open viel ik terug in het peloton, dat zo'n 25 seconden achterstand had. In de tweede ronde werd de koers stilgelegd. De ambulance moest het parcours betreden en de gewonde renners afvoeren. Na tien minuten werd de koers geneutraliseerd hervat, maar de koplopers kregen één minuut voorsprong.
Wij reden voor plek veertien en zelfs dan gaan mensen nog lopen linkeballen. Ik maakte er een veredelde training van, waarin ik veel op kop reed en goed meedraaide. Tot de laatste ronde, want ik wil aanvallen. Afwachten staat niet in mijn woordenboek.
Op het stuk tegen de wind in ging ik er vandoor. Ik onderschatte de wind iets en moest mijn ritme weer zoeken, maar ik was weg met een voor mij onbekende renner. We hadden een meter of dertig voorsprong, maar jumpen uit het peloton deden ze niet. Mijn vluchtgezel had het beste al lang niet meer in de benen zitten en onze voorsprong kromp.
Met nog een meter of 800 te gaan ging in nog een keer, maar het peloton zat bijna op mijn wiel. Ik reed voor wat ik waard was, maar werd op de laatste rechte lijn voorbij gesprint. Ik werd geen veertiende, maar negentiende. En ook dan mag je een beetje prijzengeld ophalen.
donderdag 22 april 2010
Tiende plek in Puttershoek
Puttershoek ligt op zo'n vijf kilometer van 's-Gravendeel en dus stond ook Marion aan de start. Voor mij betekent dat een leuke afleiding tijdens de warming-up en hier en daar wat assistentie verlenen. Omdat Marion komend weekend een grote internationale koers rijdt, reed ze gisteravond alvast met mijn voorwiel, zodat ze zondag in de tijdrit (als ze weer met dat wiel start) niet met een totaal vreemd wiel rijdt.
Nadat Marion haar race gereden had, kon ik mooi wat parcoursinformatie van haar overnemen. Ik rondde mijn voorbereiding af en mocht om 19.44 naar de start. Mijn baan-maatje Maxim startte één minuut voor mij en hij was dus een mooi richtpunt om naartoe te rijden. Al is Maxim al jaren een gerespecteerd Eliterenner en werd het dus een hels karwei hem bij te halen.
De koers ging over drie ronden van 6,8 kilometer. Vanaf de start probeerde ik in een ritme te komen, maar de wind maakte dat flink lastig. Ik gooide de snelheid erin, terwijl de wind vanaf de zijkant tegen mij aan waaide. Heel in de verte zag ik Maxim rijden. Het gat was in de eerste kilometers niet kleiner geworden.
Na de eerste ronde deed alles al zeer. Mijn hartslag bleef ruim boven omslagpunt (174 slagen per minuut), maar ik had het gevoel wel iets meer in een ritme te komen. Ik haalde wat achterblijvers in, maar van Maxim was nog geen spoor te bekennen. Hij reed nog minstens 30 seconde voor mij en dat is toch een behoorlijk gat.
Bij het ingaan van de laatste ronde kreeg ik Maxim in het vizier. Ik schakelde nog een tandje groter, want wilde graag naar hem toe rijden. Op het stuk met de wind op de kop, kroop ik steeds dichter naar Maxim toe. Vlak voordat we de bocht namen en de wind in de rug kregen, was het verschil nog vijf seconden. Ik ging hem pakken.
Maar met de wind in de rug, gooide Maxim het gas weer open. Het gat bleef vijf seconden en werd maar niet kleiner. Ik deed wat ik kan en moest wachten tot op de finishstraat. Daar ging het iets naar beneden en perste ik alles eruit, Ik reed bijna 60 km/u en scheurde Maxim nog voorbij. Ik riep nog wat naar hem toe en hij kroop nog in mijn wiel. 28.12,08 over 20 kilometer. Ruim 42 kilometer per uur gemiddeld.
In de uitslag nestel ik mezelf tussen de elite renners. Zo was Erick Tol, vorige week nog voor mij, nu achter mij en ook Jack Vermeulen, een renner van Van Vliet, kon het niet van mij winnen. De voorbereiding richting het DK is nu echt begonnen. Het is nu nog een kwestie van heel blijven.

zondag 18 april 2010
Omloop der Peel etappe 2: Volle bak koers

Wellicht was het lekkere weer de drukker van het tempo. Het geluid van de draaiende wielen en ratelende cassettes alsof zij het volkslied van Fietsland zongen. Het was een uitgelezen dag om de beentjes weer wat extra kleur toe te brengen. Bovendien was het de bedoeling een flink aantal kilometers te rijden en wie weet wat nog meer.
Vlak na de neutralisatie was er een fikse valpartij op de eerste rij. Gelukkig was ik net iets naar achteren gezakt en kan ik, op de derde rij, precies op tijd remmen. Ik reed wel tegen de gevallen renner op, maar viel niet. Snel tilde ik mijn fiets over één van de ongelukkigen heen en stapte weer op. Ik lag weer helemaal achteraan, maar had geen averij opgelopen.
Haastig reed ik weer terug naar voren en nestelde mezelf achter de eerste rij. Ik wilde vooral lekker meerijden tussen de wielen, zonder al te veel op kop te rijden. Achterin gaat het nog wel eens op de kant en dan kom je in de problemen, maar voorin meerijden is geen probleem.
Na een uur meegereden te hebben moest ik mezelf even testen. Ik ging voorin meedraaien en reed zelfs even mee in een kopgroep. We reden met zeven jongens licht voor het peloton uit, maar kwamen nooit echt weg. Ik besloot mijn plek in het peloton weer in te nemen om weinig krachten te verspelen.
Er gebeurde weinig in de koers en het tempo liep iets op. Met nog zo'n veertig kilometer te rijden voelde ik een lichte kramp opkomen. Door veel te drinken en te strekken verdween dit gevoel weer, maar ik wist dat ik niet meer met krachten moest smijten.
We reden als een compact peloton naar de streep. In de laatste, plaatselijke, ronde van 17 kilometer kon ik een bidonnetje van Jeroen aanpakken. Ik telde de kilometers af, maar nadat ik de 130 kilometer op het tellertje zag staan, was het klaar. Ik kijk uit naar de uitrijtraining.
zaterdag 17 april 2010
Omloop der Peel dag 1: PECH
Mijn wiel slaat vast, ik moet alle zeilen bijzetten om niet onderuit te gaan. Veilig kom ik tot stilstand, trek de bidon uit mijn wiel en ga weer op pad. Bij het aanzetten voel ik het al, het wiel is krom. Gelukkig reed ik voorin op het moment dat het gebeurde en kwam ik terecht achter de zesde volgwagen. Met een fikse inspanning reed ik terug naar het peloton.
Doordat mijn wiel niet meer recht was, liep hij constant aan tegen de rem. Ik verloor veel kracht en kon me niet meer naar voren rijden. Bij het ingaan van de plaatselijke rondes, was het klaar voor mij. Etappe 1 eindigt in veel pech en in een abandon. Morgen een nieuwe dag, met een nieuw wiel, misschien wil het dan lukken.
vrijdag 16 april 2010
Fly like an eagle
Dit jaar stonden er meer goede renners aan het vertrek dan vorig jaar en dus wist ik dat ik een absoluut PR moest rijden om enigszins in de buurt te komen. In had het parcours verkend en was erachter gekomen dat de eerste drie kilometers zwaar waren, omdat de wind hier schuin op de kop stond. De rest van de ronde moesten zeer hard gaan om het verliest van de eerste drie kilometer goed te maken.
Ik startte om iets voor half acht en zocht direct een lekker beentempo op. Deze vond ik op de 54x16. Ik probeerde tegen de wind in een hoog beentempo te houden om niet te veel krachten te verspelen. De teller tikte voortdurend de 43 kilometer per uur aan, totdat de weg iets omhoog liep. Mijn tempo zakte terug naar rond de 40 km/u en ik moest mijn best doen om terug in mijn ritme te komen.
Al werkend tilde ik mijn snelheid in het laatste stuk wind tegen op naar de 42 km/u. Ik draaide de bocht om en schakelde direct twee tandjes zwaarder. Ik moest een tractor op de weg ontwijken, verloor een paar tellen, maar had verder weinig hinder. Al snel zocht ik de '13' op en knalde het mijn snelheid boven de 50 kilometer per uur. Het was nog 3,5 kilometer naar de finish. Ik had een lekker ritme te pakken en hoefde niet meer terug te schakelen.
Na 9 minuten en 25 seconden was ik terug in Woubrugge. Onder windstille omstandigheden reed ik vorig jaar 9.59. Ik was ruim een halve minuut sneller. Mijn tijd was goed voor een gemiddelde snelheid van 46,51 kilometer per uur. Sneller was ik nooit. Helaas was het niet goed genoeg voor een podiumplek.
Mijn tijd was uiteindelijk de 9e tijd. De Erik van Lakerveld, een van de betere amateurtijdrijders van het land, won glansrijk in een nieuw parcoursrecord (8.53). Ook de tijd van de nummer twee, 9.08, was ongrijpbaar. De nummer drie, Dennis Vermeulen reed 'maar' negen seconden sneller dan ik. De rest zit allemaal binnen die negen seconden en zijn dus allemaal binnen handbereik.
Ik ben op de goede weg en heb eens gevoeld hoe het is om 'to fly like an eagle'. Zaterdag en zondag de eerste echte klassiekers van het seizoen en dan woensdag weer een tijdrit in Puttershoek. Een vormpiek is op komst!
maandag 12 april 2010
Diep in het rood
ag een tijdrit in Woubrugge. Ik ga voor een PR.dinsdag 6 april 2010
Foto's en uitslagen



Uitslag Tijdrit Warns zaterdag 03-04-2010 H3 | |||||||
1 | 108 | Stoker | Rafael | HILVERSUM | H3 | 10.16.88 | 43.19 |
2 | 97 | Hulzebos | Marc | DEN HELDER | H3 | 10.23.54 | 42.72 |
3 | 98 | Koomen | Sander | ALKMAAR | H3 | 10.32.16 | 42.14 |
4 | 89 | Dijkstra | Guus | GRONINGEN | H3 | 10.52.64 | 40.82 |
5 | 103 | Palstra | Lieuwe | BOLSWARD | H3 | 11.00.45 | 40.34 |
6 | 94 | Hendriks | Ronald | DEN HAAG | H3 | 11.10.04 | 39.76 |
7 | 84 | Brijder | Bertijn | HEERENVEEN | H3 | 11.10.12 | 39.75 |
8 | 106 | Sienot | Jeroen | WEHE DEN HOORN | H3 | 11.13.47 | 39.56 |
9 | 101 | Meer van der | Tim | IJLST | H3 | 11.15.93 | 39.41 |
10 | 99 | Kuipers | Sybolt | SNEEK | H3 | 11.16.69 | 39.37 |
Uitslag Midden Nederland Competitie Nieuwegein zondag 04-04-2010
1. Rafael Stoker
2. Mitja van Toorenburg
3. Harry Ruiterkamp
4. Peter van Koetsveld
5. Jan Sanders
6. Peter Temming
7. Paul Massaud
8. Marijn v.d. Ploeg
9. Yorrick Jongbloed
10. Mark Kouwenberg
zondag 4 april 2010
Zegeweekend: Tweede overwinning op rij!
De koers was door de weersomstandigheden lastiger dan gedacht. Echt koud was het niet, maar door regen en wind werd het lichaam nooit echt warm. Toen na 20 minuten koers een serieuze groep vertrok, moest ik nog van achter naar voor toe rijden.
Het groepje met daarin o.a. Hans Voorn, hadden al een aardige voorsprong te pakken. Ik was inmiddels opgeschoven naar voren en zat klaar om te gaan. Omdat er geen achtervolging ontstond, ging ik maar alleen. Het kostte kracht, duurde een ronde, maar ik had de aansluiting gemaakt. Bovendien deed ik het alleen en bereidde ik de kopgroep uit naar acht.
Met zn achten reden we richting de streep. Van achteren kwam geen bedreiging meer en de samenwerking in de kopgroep was dik in orde. Met nog één ronde te gaan besloot ik niet meer uit het wiel van mijn concurrent Mitja van Toorenburg te komen.
Het werd een sprint-a-deux, de rest van onze groep waren masters en die sprinten niet tegelijk af. Mitja ging best vroeg aan, maar had de versnelling wel erg licht staan. Ik had hem al op de 13 liggen en moest nog maar een tandje bijschakelen. In de laatste 100 meter kwam ik uit het wiel van mijn clubgenoot en sprintte hem eruit. Ik won met een fietslengte voorsprong. Mijn weekend is geslaagd, 2 uit 2 beter kan haast niet. Volgende week de eerste klassieker van het seizoen. Ik heb er zin in.
Eerste overwinning is binnen!!
3 april 2010, mijn eerste serieuze wedstrijd stond op het programma. Ik hoef nog niet echt goed te zijn in het voorseizoen, maar wil mezelf wel graag laten zien. Ik heb deze winter hard en veel getraind en vandaag moest dat eruit komen in Warns. Mijn eerste tijdrit van het seizoen, iets meer dan zeven kilometer werken tegen regen en wind.
Vorig jaar kwam ik naar Warns en reed ik na 200 meter lek. Ook dit jaar was het me niet gezind in Friesland, want al tijdens mijn verkenningsronde kreeg ik te maken met een lekke tube. Net als vorig jaar was het mijn disc die leeg stond. Mijn voorbereiding was behoorlijk door de war.
Doordat ik terug moest lopen, verloor ik kostbare tijd. Ik kroop toch maar op de tacx (geleend van Marion en waarvoor 1000 maal dank!!) om me voor te bereiden op mijn rit. Jeroen en paps gingen achter een wieltje aan. Deze vonden ze bij een aardige Fries, die mij vorig jaar ook al eens zijn discwiel leende.
Met een voorbereiding van een klein uur, die niet helemaal verlopen was zoals ik wilde, mocht ik starten om 15.48 uur. Het regende niet meer en de wind was enigszins geluwd. Ik startte vollebak en draaide het gas open. Al snel had ik een snelheid van 48 km/u te pakken. Ik joeg over het parcours en draaide met een gemiddelde van boven de 45 km/u de dorpsstraat op.
Daar kwam de wind pal tegen en liep het parcours iets omhoog. Ik kon aardig snelheid houden en viel nooit stil. Het parcours was iets veranderd ten opzichte van vorig jaar, waardoor nu meer meters omhoog én tegen de wind in gereden moesten worden.
Ik draaide de dijk op en had alleen nog wind in de rug. Nog anderhalve kilometer vol gaan en ik was binnen. De snelheid zat er nog aardig in en toen de finish in zicht was, wist ik er nog een klein sprintje uit te persen. Ik was binnen in een tijd van ongeveer 10.15 (tijden nog niet gepubliceerd). Iets langzamer dan vorig jaar, maar nog steeds een prima tijd.
Ik wist niet of het genoeg zou zijn voor een goede klassering. Na een half uurtje wachten op de uitslag kwam het verlossende woord. Winnaar senioren heren 20-39 Rafael Stoker. Ik had Marc Hulzebos, winnaar van vorig jaar verslagen. Sander Koomen werd derde.
Later volgen nog uitslagen en foto's, maar eerst is het tijd voor een douche en nachtrust. Morgen weer MNC Nieuwegein om 09.30 uur.