zaterdag 30 oktober 2010

2011: Kans bij Grontmij-Team Amsterdam

Sinds het einde van het seizoen was ik op zoek naar een eliteploeg voor 2011. Na een prima seizoen bij de amateurs van WV Eemland, is het voor mij tijd voor de volgende uitdaging. Tot deze week was ik dan ook druk met het zoeken van een nieuwe ploeg. Doorgaans staan ploegen niet te springen voor een renner van de amateurs en ook bij mij was het niet heel anders. Gelukkig kreeg ik deze week een verlossend mailtje: "Welkom bij Team Amsterdam".

Voor mij reden om definitief de stap van de amateurs naar de elite te maken. Ik ga bij Grontmij-Team Amsterdam rijden en krijg er de kans om rustig aan het niveau te wennen en mezelf langzaam de klassiekers binnen te fietsen. Een unieke kans om het eerste jaar door te brengen bij de elite. Bovendien kan ik van de ervaren jongens veel leren en de nodige hardheid opdoen.

Om op niveau te komen zijn we vandaag al begonnen met trainen. De eerste training van zo'n drie uur, waarin ik vooral mooi kennis kon maken met mijn nieuwe ploeggenoten. Stuk voor stuk jongens waarvan ik kan leren en een leuk jaar mee ga draaien, dat kan haast niet missen.

De komende weken ga ik me eerst richten op het NK baan voor amateurs. Dat houdt in dat ik zo'n beetje elke dag op de baan te vinden ben om de soepele tred weer tot in de puntjes onder de knie te krijgen. Tot nu toe heb ik nog niet genoeg baantraining gehad om echt lekker op de baan te rijden. Maar daar gaat verandering in komen en ik sta fit en getraind aan de start, count on me.

dinsdag 26 oktober 2010

Wat rest is keelpijn

Voor het eerst sinds een jaar reed ik weer eens mee in een wedstrijd op de baan. Echt goed voorbereid was ik niet, de baan in Amsterdam was immers al twee weken dicht. Tot overmaat van ramp stak gisteren ook nog eens een verkoudheidje de kop op. Mijn neusholtes zaten behoorlijk verstopt en de keel deed lichtelijk zeer.

Met paracetamol probeerde ik te redden wat er te redden valt, maar echt positief werken voor een koersje doet het natuurlijk niet. Desalniettemin stond ik met goede moed aan de start in Apeldoorn.

Het Omnisportcentrum in de Veluwestad is behoorlijk verwarmd en de lucht is er kurkdroog. Onze eerste rit is de puntenkoers over 25 ronden. Ik val direct aan en sprokkel zo direct wat punten. Uiteindelijk strand ik op een punt of vier en eindig daarmee als vijfde of zesde.

Als ik van de fiets af stap doet alles zeer. De lucht is zo droog dat ik in mijn keel iets stuk gemaakt heb. Naast slijm spuug ik bloed wat er duidelijk op wijst dat er iets niet helemaal goed is. Een half uur en een paar flesjes water later stap ik toch op voor de (korte) scratch.

Ik besluit een andere tactiek te hanteren dan bij de puntenkoers. De scratch is een onderdeel waarbij de eerste finisher de winnaar is, easy dus. Vanuit laatste wiel probeer ik de boel te overzien en een beetje te bluffen. Op vier ronden voor het einde wil ik aanvallen.

Echter, op vijf ronden van het einde rijden twee jongens weg. Ik laat ze rijden, want besluit mijn eigen plan door te trekken. Als ik ze ga halen, trek ik het peloton ook naar hen toe. De rest laat ze helaas ook gaan en ze krijgen een mooie voorsprong cadeau. Met nog vier ronden te gaan trek ik ten strijde. De koplopers haal ik niet meer bij, hun voorsprong was onoverbrugbaar geworden. Een Adelaar-renner komt in mijn wiel. Hij klopt mij in de sprint voor de derde plek en ik word vierde.

Het sluitstuk van de avond was de dernyrace en ik kan er kort over zijn. Ik reed hard, constant rond de zestig kilometer per uur, maar miste de echte power nog. Wellicht te weinig getraind op de baan. Ik sloot dit onderdeel verdienstelijk als derde af. Overall zal ik bij de top vijf geëindigd zijn, een prima resultaat, maar er is zat werk aan de winkel. Die souplesse moet er snel in komen, want over twee weken is het NK voor amateurs. Wat rest is keelpijn en een boel training.

zaterdag 23 oktober 2010

Verliefd op een monster


Wauw! Dat was mijn eerste gedachte toen ik mijn potentiële nieuwe tijdritfiets daar zag staan. De Specialized-stand was zo ingericht dat er een aparte ruimte alleen voor de Shiv ingericht was. Het monster stond er afgemonteerd zoals Cancellara er wedstrijden mee rijdt, schitterend.

Ik kijk mijn ogen uit naar deze wreedaard op tijdritgebied. Het frame is superaerodynamisch en bovendien een 'nieuwe generatie tijdritframe'. Bij dit soort frames zit de stuurpen 'aan het frame' in plaats van 'op het frame'. Aerodynamischer en ook veel mooier.

Ik ben op slag verliefd en schiet een medewerker aan. "Ja meneer, deze is nog wel leverbaar voor u. In Nederland of in België zijn nog wel een paar van dit soort frames op voorraad". Verzot als ik ben loop ik verder over de beurs. Mijn gedachten laten de Shiv niet meer los. Concurrenten als Trek en Giant leveren gelijkaardige frames. Ik vind ze mooi, maar er is geen liefde op het eerste gezicht.

Dat ene frame spookt een dag later nog door mijn hoofd. De vlinders in mijn buik zijn nog steeds niet verdwenen. Gebeurt dat nog wel? Of is dit gevoel voor altijd? Wellicht moet ik mezelf eerst beseffen dat ik zelf nog een (hele dure) tijdridfiets heb staan en dat deze eerst verkocht moet worden. Daarnaast besef ik wellicht niet dat de Shiv een prijskaartje heeft van vier duizend euro.... Liefde maakt blind, maar dat gevoel is schitterend.

zondag 10 oktober 2010

Seizoen 2010: Grote stap voorwaarts

Veertien dagen geleden zette ik een punt achter het seizoen en dat is fysiek duidelijk merkbaar. De benen voelen af en toe onrustig en willen het liefst een paar uur 'los gelaten' worden. Daarnaast eet ik aanzienlijk meer dan tijdens het seizoen en dus zitten er al snel twee kilo's meer aan.

Heb ik dan helemaal niets gedaan? Jawel, dat wel. Twee weken zonder fietsen had te veel van het goede geweest en daarom ben ik 2 keer in de week een paar rondjes gaan maken op de wielerbaan in Amsterdam. Gisteren haalde ik mijn wegfiets nog maar eens van stal voor een twee uur durende plezierrit.

Het moet een van de laatste keren geweest zijn dat de BMC de schuur nog is uitgekomen. Vanaf komende week is het Velodrome dicht (voor de zesdaagse), waardoor ik me nog wel een paar keer buiten moet vermaken. Het liefst had ik vanaf 1 oktober het fietspad ingeruild voor de wielerbaan, maar helaas, dat is geen optie.

Hoe gek het ook klinkt, over zeven dagen begin ik al aan het nieuwe seizoen. De profs rijden dan nog Lombardije en eindigen dan 2010. Van de profs trek ik me niets aan, ik start met de voorbereiding op het NK baan amateurs, misschien het NK baan voor eliterenners én het wegseizoen 2011. Eliterenner wil ik zijn, dus er moet hard getraind worden.

Over seizoen 2010 kan ik eigenlijk alleen maar tevreden zijn. Ik startte een jaar geleden mijn missie met als doel binnen drie jaar elite renner te zijn. Als een amateur b kwam ik 2010 binnen. Ik reed er een aantal wedstrijden mee en stapte toen over naar de amateurs a. Ook daar ging het voorspoedig en op mijn specialisme pakte ik zelfs een amateur a-zege, het DK tijdrijden.

Tijdens klassiekers liet ik me steeds vaker van voren zien en in een aantal wedstrijden had ik zelfs de waan dat ik kon winnen. Ik ben geen sprinter, maar probeer in de slotfase altijd weg te komen. Ik reed vooruit in de slotfase, maar werd telkens weer teruggegrepen. In Frankrijk werd ik pas op 50 meter voor de streep geklopt.

Op het NK amateurs reed ik prima mee, ik deed nooit echt mee voor de zege, maar liet zien dat ik het niveau prima aan kan. Daarna volgde een periode van rust en een weekje klimmen in Zwitserland. In het alpenland kwam ik voor het eerst in aanraking met de elite. Vijftig kilometers reed ik mee, alvorens we gingen klimmen. Ik als bergidioot loste snel en was snel klaar.

In België een paar weken later had ik mijn tweede ervaring met de elite. Ik heb de volle 100 kilometers aangehaakt en reed een mooie koers uit, terwijl de helft van het peloton er de brui aan gaf. Een week later reed ik zelfs mee bij de beste twintig. In Nederland zou het voldoende zijn voor een mooie premie, in België reden alleen de eerste vijftien prijs.

Mijn doel was een NK-WK-NK drieluik, te beginnen met het NK tijdrijden. In de stromende regen werd ik vijftiende in Groningen. Stiekem hoopte ik op een top tien plek, maar dat zat er gewoonweg niet in.

Het WK journalisten was toch wel het echte speerpunt. In Kranj was ik tweede en dus wilde ik beter doen. Ik eindigde als zevende op de tijdrit en als 24e in de wegrace. Ik was beter dan ooit en heb nergens iets laten liggen. Jammer genoeg waren de andere deelnemers ook van hoge klasse, waardoor de gehele top zeven binnen de 30 seconden bleef.

Als afsluiter reed ik het NSK wielrennen in Enschede. Ondanks verwoedde pogingen, mislukte mijn opzet een massasprint te ontlopen. Ik finishte bij de eerste dertig en sloot mijn seizoen af. Het was mooi geweest. Met meer dan veertig koersdagen heb ik een volwaardig seizoen gereden en hoop ik klaar te zijn voor de volgende stap. Als ik in december genoeg perspectief zie, vraag ik hem een jaar eerder dan gepland aan; de elitelicentie.